Door het Etosha Park

Donderdag 25 september Ruacana – Ondangwa museum

Vandaag rijden we door het relatieve drukke noorden. Op slechts 7% van het totale grondgebied van Namibie woont bijna de helft van de totale bevolking.
Het is niet alleen relatief druk, het is echt druk. Vrij veel verkeer, veel mensen langs de weg en in de 3 grote dorpen zag het ‘zwart’ van de mensen. Daar waren ook een aantal (groente) markten. Veel was er niet onderweg te beleven. We hebben ons beperkt tot een paar stoppen om 1 geld te pinnen, 2 wat te drinken en 3 om te tanken. De afstand was ook niet zo groot en om een uur of drie waren we op onze camping. Weer een hele primitieve. Wel nette wc en douche hokjes maar helaas koud water om te douchen. Nu is koud water hier wel anders koud dan bij ons, maar toch, de temperatuur buiten is ook een stukkie hoger.
We hadden nog een flink aantal pennen over en deze hebben we gegeven aan de campingmevrouw voor de local school. Ze wees ons gelijk op de shop. Handcrafts gemaakt door de vrouwen uit de omgeving. Mooie mandjes, schaaltjes en onderzetters, allen gemaakt van een soort plantenblad. We hebben gelijk het museum bezocht. Het is het voormalige huis van de Finse missionaris en gaf een indruk hoe dat er vroeger toe ging.
Toen wij ’s middags in de schaduw zaten te niksen liep er een vrouw langs om even naar het toilet te gaan. Toen ze terug kwam begon ze te vragen en te vertellen. Ze was hier geboren. Haar moeder was huishoudster toen de missiepost nog in bedrijf was. Ze waren 38 jaar geleden naar Finland gegaan, vanwege de politiek activiteiten van haar vader, en konden eigenlijk niet meer terug. Ze was er met oa haar moeder en zus.
Er zou hier een restaurant zijn, niet echt dus. Je hebt een mogelijkheid om een traditionele maaltijd (op aanvraag) te gebruiken. We hebben dus onze laatste restjes opgemaakt.

Vrijdag 26 september Etosha

Vandaag naar Ethosa. Zullen we dan eindelijk Olifanten zien? Onderweg zijn we alleen gestopt voor een koffiebreak.
Bij de entree van het park moesten we wat papieren invullen en ons er van bewust zijn wat de regels zijn. Hier stond ook de Finse familie. De guard vertelde dat er een km of 4 verderop bij een waterhole een groep leeuwen zat. Sweet!
Even verderop stond een groep Wildebeast, oftewel Gnoes. Een paar hadden een vogel op de rug. Ook stonden er in de verte zebra’s en er liepen een paar giraffes. Even was het niet duidelijk waar we moesten zijn. Wij gedraaid en we kwamen de Finse familie weer tegen. Zij draaide het raampje open en vroeg gelijk of we de leeuwen zochten en ze zei dat we daar en daar moesten zijn. Dat was dus niet een km of 4 maar eerder een km of 2. Maar goed we konden ze bekijken. Een groep van een stuk of 8 lag lui bij het water. Verschillende dieren stonden hen strak in de gaten te houden. Zielig, zij willen natuurlijk ook drinken. En die luie krengen houden de poel bezet.
We rijden door naar de camping en checken in met de bedoeling nog op pad te gaan. Deze camping is een verbouwd oud fort van ca. 100 jaar oud. Ziet er erg gezellig uit. Op de binnenplaats zijn een paar restaurantjes, een bar en een stuk of 4 souvenirwinkeltjes en een minisuper met ook souvenirs. Als we in het boekenwinkeltje zijn zien we door het raam 2 olifanten!
We brengen eerst de camper naar de campingplaats om een mooi plekje uit te zoeken en besluiten eerst naar de waterhole van de camping te gaan. Hier is een groepje olifanten druk aan het eten en drinken. Met de fence ertussen staan we op 3 meter oog in oog met een olifant. Hier vermaken we ons wel.
Rond 7 uur als we spic en span op weg zijn naar het restaurant lopen we eerst nog even langs de hole. Nu zijn er meer olifanten inclusief een kleintje. Met de ondergaande zon op de achtergrond en wat gelig kunstlicht op de olifanten kunnen we nog een paar hele mooie foto’s maken.

Zaterdag 27 september

Op naar de volgende camping via natuurlijk enkele waterholes. De eerste is gelijk al leuk. Hier staan veel verschillende dieren. Ook 2 giraffes. Zij zijn aan het drinken. De één zakt door de knieën en de ander spreid de poten. Een mooi gezicht! De Dikdiks die hier ook zouden zijn waren er niet. Tijdens een rondje rijden zagen we er één heel in de verte. Dit is een klein hertensoort. Weegt een kilo of 5 en heeft een snuitje als van Bambi. Nu gaat het verhaal dat een Dikdik struikelde over een Olifantendrol en daar zo kwaad over was dat ie uit nijd besloot iedere keer op de zelfde plek te poepen zodat op een dag een Olifant over zijn poep zou struikelen.
Onderweg naar de camping in Halili verder geen apart wild meer gezien. Nog wel 3 olifanten in de verte en een paar aparte vogels.
Ook op deze camping is een restaurant, zwembad 1 souvenir/supermarkt en natuurlijk een waterhole. Na wat inkopen gedaan te hebben lopen we naar de waterhole. Hier zit een Brits ouder echtpaar. Zij reizen rond met openbaar vervoer. Meestal een soort Greyhound bus. Zij vertelden dat er bijna iedere dag een Rhino komt. Na even wat gebabbeld te hebben gingen zij er weer vandoor. Bij de hole zat dan ook niet veel: een groepje korhoenders en 3 verdwaalde hertenbeestjes. Even later kwam er nog een stel even kijken. Toen zij na een minuut of 10 weer weg wilden gaan kwam er iemand van de bewaking melden dat en Olifanten aan kwamen. Een groep van wel 18 stuks met 4 hele kleintjes en een aantal tieners en uiteraard de moeders. Een mooi schouwspel.
Voor het eten zijn we er nog een tijdje gaan zitten met een boekje. Tot de zon ver onder was hebben we helaas (en velen met ons) niets bijzonders meer gezien, helaas.

Zondag 28 september

Na het ontbijt hebben we nog een uurtje over voordat we van de camping af moeten en we gaan nog even bij het watergat zitten. Er zijn enorm veel zebra’s. Hele groepen lopen af en aan, Ook zien we voor het eerst een red hartebeest. Om te zien is het een beetje een misvormd paard, maar het is een antilope soort. Ook zien we nog een paar kudu’s waarvan er één een mooi stel gedraaide hoorns heeft. Verder is er natuurlijk nog veel klein wild. Om naar Okaukuejo te gaan maken we een kleine omweg,. We gaan via de Rhinodrive wie weet…… Maar nee, geen rhino’s. Het eerste gat wat we aan doen is Salvadora. Hier staan een aantal auto’s en er staat heel veel wild ietwat verwijdert van de plas. En jawel er liggen wat vrouwtjes leeuwen. Door de camera zien we een zebra lijk. Twee leeuwen liggen hierbij en eten ervan. Iets verderop liggen er nog een paar in de schaduw van een boom. Er lopen ook twee jakhalzen rond en stelen wat restjes. Ze durven niet te dicht bij te komen. Eén leeuwin loopt weg en de andere probeert de zebra te verslepen, maar deze is veel te zwaar. Ondertussen lopen alle andere beestjes voetje voor voetje naar het water. De springbokjes durven het beste. Af en toe schrikt er één en de hele meute deinst terug.
Het volgende gat is Aus. Hier lopen net 3 olifanten weg. (mannen?) Onderweg komen we veel klein wild tegen. Ook nog een struisvogel met 3 kuikens. Vervolgens rijden we naar Olifantsbad. Hier zouden veel olifanten komen. Ook hier staat het wild op gepaste afstand naar het water te staren. In eerste instantie zien we niet waarom. Dan zien we net achter een rand bij het water een gevlekte hyena zitten. Leuke kop maar raar lijf. We eten hier een boterham en we houden de hyena strak in de gaten. Na de boterham en ook als de hyena het voor gezien houdt gaan we weer. We keren en zien de hyena in de schaduw liggen. Maken nog wast foto’s en zien dan ineens een groep olifanten aankomen. Toch nog maar even blijven. Ze spetteren in het water. Een kleintje draait heel hard met zijn slurf door het water, Je krijgt dan een beetje een Walt Disney tekenfilm idee. Op de camping aangekomen hebben we eerst wat boodschappen gedaan. Vervolgens onze plek opgezocht (deze keer geen schaduw) en we hebben ons geïnstalleerd bij de waterhole. De giraffes leken het erg moeilijk te hebben. Ze durfden steeds niet te gaan drinken. Het duurde bijna 2 uur voordat 1 van de 4 begon te drinken. Er waren dan ook regelmatig mensen die of te luidruchtig waren of te beweeglijk. We hebben tot half 7 gewacht tot er misschien nog neushoorns zouden komen, maar helaas. We zijn gaan douchen en daarna nog een poging gedaan. Weer niet! Na het eten ( het was inmiddels al donker en al half 10) toch nog maar een keer kijken. En ja hoor. In het midden van de poel stond er één in het water. Twee olifanten deden een parendans en er stonden flink wat giraffes. Even later kwamen er nog twee neushoorns. Waarschijnlijk een moeder met kind. Het was lastig fotograferen, maar toch een paar plaatjes kunnen maken.

Maandag 29 september : einde Etosha

Voor we weggaan nog een uurtje bij de hole gezeten. Er gebeurde niet veel bijzonders. Vlakbij de zuiduitgang van Etosha is nog een poel. Het is een permanente natuurlijke bron. Alleen in deze tijd staat het water erg laag. We rijden er naar toe via een kleine omweg. In eerste instantie lijkt het niet veel bijzonders. Dan zien we aan de andere kant van de weg een mannetjes leeuw liggen. Lui in de schaduw van een boom. Even verderop ligt er nog één samen met een vrouwtje. Dit is een leuk cadeautje bij het afscheid van Etosha!
Outjo is een leuk stadje. Er is een Duitse bakkerij waar je koffie kunt drinken en het interbnet kunt gebruiken. We lezen even de mail en drinken koffie met jawel, een stuk Schwarzwalderkirchtorte. Ondertussen passen twee jongetjes van een jaar of 10 op de camper. Aan het eind krijgen ze ieder N$ 5 en ze zijn dolgelukkig. Otjiwarongo rijdt gezellig binnen grote paars bloeiende bomen verwelkomen je.
De oprijlaan naar de camping is 20 kilometer. Aan het eind worden we opgewacht door Chris. We hebben een privé campsite met 2 toiletten met view en twee douches met view. Er is een aanrecht met een grote overkapping. Helaas kunnen we niet in de schaduw staan en hebben we geen stroom. Er is wel een eigen viewpoint en op een kleine 10m minuten lopen is een zwembad.
Chris komt ons morgenochtend om half 7 halen om één en ander uit te leggen over de Bosjesmannen de oorspronkelijke bewoners van Afrika. Voor der nacht krijgen we een contactradio en een alarmapparaat voor als er iets aan de hand is.

Dinsdag 30 september Okonjima

We zijn nog maar net wakker en het is nog stik donker als er goodmorning wordt geroepen. Het is de wacht die de apparaten komt halen en komt informeren of alles goed is. We drinken thee en om half 7 is Chris er. We gaan eerst naar het maincamp. Kunnen daar koffie of thee met een warme muffin nemen en gaan na een half uurtje met nog een stel en de twee vrijwilligers Maarten en Zondag de Bushmanwalk doen. Er wordt onder andere uitgelegd hoe ze hun lendendoek maken, hoe ze vuur maken, hoe ze jagen en hoe ze een vrouw versieren. Het is een leuke educatieve wandeling. Jammer dat er een koude wind waaide. Even na tien uur zijn we alweer bij de camper terug. We vermaken ons met lezen. Gelukkig doet de autoradio het hier wel. Want het is hier in en in stil. Jammer dat je als campergast niet mag eten in de Lodge. Nu zullen we zelf wat moeten fabriceren. Ook nu worden er tijdens de korte schemer een walkie-talkie en een alarm gebracht. Het wordt ons nu ook duidelijker waarom het alarm er is. Dit is voor als iemand een beroerte of iets dergelijks krijgt. De wacht vertelt er gelijk bij dat als wij stemmen horen dat zij dat zullen zijn tijdens hun ronde. Toch wel een geruststelling.

Woensdag 1 oktober Okonjima – Windhoek

Gelukkig worden nu een half uurtje later opgehaald dan gisteren. Chris neemt ons mee naar de Leopards en de Cheetha’s. Hier wordt ons het verschil uitgelegd tussen beide dieren. Ook krijgen we nog een paar wilde honden te zien. De meeste dieren zitten hier om of op te knappen of omdat ze als jonge wees opgevoed worden tot goed voor zichzelf zorgende dieren. De boeren in de omgeving zijn namelijk niet zo gediend van deze dieren. De katten willen nog wel eens jonge kalfjes vangen.
Even na 10 uur vertrekken we naar Windhoek. De hele route is over asfalt en we schieten daarom goed op. Vroeg in de middag komen we op de camping aan. Het is dezelfde camping als de eerste nacht en ook nog eens dezelfde plek. We zorgen dat de koffers gepakt worden en alle overige spullen worden of in de keuken gezet voor wie geïnteresseerd is of het wordt weggegooid. We maken nu wel gebruik van het restaurant. We hebben een internet kaart gekocht en proberen nog wat foto’s op de site te zetten. De verbinding is slecht dus er valt niet veel te uploaden. We gaan op tijd naar bed want morgen gaan we weer een eind vliegen.

Donderdag 2 oktober

Het inleveren van de camper verloopt soepeltjes. Er wordt een taxi voor ons bestelt en we wachten in de schaduw totdat deze er is. De rit naar het vliegveld verloopt goed. Bij aankomst kunnen we vrij snel inchecken. Je zou niet zeggen dat het een internationaal vliegveld is. Alles gaat zo gemoedelijk. Als ik nog even aan de andere kant van de douane moet zijn is de douanier heel coulant. ‘Ga maar even, en als je terug komt meld je dan even bij mij. No problem!’ Zo gezegd zo gedaan. En inderdaad: no problem. Het instappen gaat ook probleemloos. Wij hebben nog een 1 ½ literfles met water en willen deze weggooien. De beambte bij de instap gebaart ons dat dat niet hoeft. We kunnen onze fles bij ons houden!
Na een uurtje vliegen zijn we in Johannesburg. Hier moeten we ons een paar uurtjes vermaken. Dat is geen probleem want het is een leuk vliegveld. Er zijn een aantal mooie souvenirwinkels en andere winkeltjes en genoeg plekjes om wat te eten en drinken.
Dubai is dan toch een ander verhaal qua vliegveld. Het is klein en erg druk. Er liggen heel veel mensen op en onder de bankjes te slapen en het is moeilijk om een plekje te vinden waar we kunnen zitten. Uiteindelijk vinden we een plekje op de grond met een stopcontact in de buurt waar we nog even kunnen internetten. De tijd kan op dit moment niet vlug genoeg gaan met deze drukte en de oncomfortabele plek.
Op deze vlucht is er personeel uit wel 10 verschillende landen en we kunnen terecht met de meest uitlopende talen waaronder Swahili.

Vrijdag 3 oktober

We arriveren mooi op tijd in Dusseldorf en zijn snel door de douane. De auto is zo gepakt en anderhalf uur later zij we weer moe maar voldaan thuis na deze geweldige reis.

<<Helemaal naar het noorden

Helemaal naar het noorden

Zondag 14 september

Even voor kwart voor zes gaat de wekker. Na een koppie thee en een bezoek aan het toilet gaan we naar de rode zand duinen. Wij kunnen vanaf onze plek de gate zien die om 6 uur open gaat om naar de duinen te kunnen ( de gate is open van zonsopgang tot zonsondergang + of _ 1 uur) en er staat al een bescheiden rij voertuigen.
Even na 6 vertrekken we. Het is nog aardig donker en dat is nog wel oppassen met eventueel wild langs de weg. Gelukkig rijden we wel op een asfaltweg. Bij Dune 45 is het al aardig druk. De eerste mensen zien we al naar boven lopen op de scherpe zandrand. Wij rijden nog zo’n 15 km door naar de Deadvlei en Sossusvlei. Hier is een parkeerplaats waar we verder kunnen meet de 4WD taxi. Deze brengt je door het mulle zand de laatste 5 km naar de vlei. Helaas is er geen zon. De bewolking hangt heel laag en het is behoorlijk vochtig. Voor ons niet zo fijn maar de woestijn beestjes en plantjes zullen er vast wel gelukkig mee zijn. De hoogste duinen kunnen een hoogte bereiken van wel 375 meter. Het valt dan ook niet mee om er op te klauteren maar ondanks de mist hebben we een prachtig uitzicht. We blijven hier ongeveer 1½ uur en zoeken dan weer een taxi op. Deze rijdt ons nog even langs de Sossusvlei. Ondertussen is het al behoorlijk druk geworden. Wij hebben de luxe om met z’n tweeën in de taxi te zitten. De mensen die nu arriveren zitten aardig op elkaar.
Als we weer op de parkeerplaats zijn moeten we voor de tweede keer onze schoenen legen. Een deel van het zand doen we in een plastic koelkastdoosje als souvenir. We ontbijten hier en rijden dan weer terug maar eerst natuurlijk bij Dune 45 stoppen. Hier is nu bijna niemand. Wij sjouwen naar boven, nu lekker in het zonnetje en met blote voeten in het warme zand.
Als we weer in Sesriem zijn gaan we eerst even op het terras zitten bij het winkeltje. Er is een koffie te koop bij de bakery naast het winkeltje. Ze hebben ook een broodje hamburger met kaas.
Vlakbij is de Sesriem Canyon. We rijden hier naartoe. Het is dat de weg hier ophoudt en er is een parkeerplaats, want de canyon is niet te zien. We stappen uit en lopen een paar mensen achterna. Dan zien we pas de toch wel diepe canyon. Er groeien bomen en er staat in een schaduwrijk plekje ook nog water in. In de regentijd komt er wel meer water in. Deze rivier loopt dan door tot de Sossusvlei om hier te eindigen als meertje.
We rijden weer terug richting camping, maar eerst nog even bij de bakery onder een boom lekker zitten nietsen.

Maandag 15 september

Vandaag de langste etappe. Via Solitaire rijden we naar Swakopmund. In Solitaire moeten we natuurlijk koffie drinken met een stuk appeltaart en er gaat nog appeltaart de koelkast in want morgen lusten we dit natuurlijk ook. De taart is nog lekker warm en in de schaduw genieten we ervan. Eigenlijk blijven we iets te langs zitten want we hebben nog een heel stuk te gaan. De weg is niet heel fijn, veel wasbord en stof. We rijden gestaag door, door het grote niets.
Als we niet meer zover van Swakopmund verwijderd zijn verwachtten we wat meer leven te zien. De weg is inmiddels van asfalt maar levende wezens zijn nog steeds niet te spotten. Wel waait het als een gek, het zand stuift over de weg. De eerste mensen die we eindelijk zien zijn dan ook dik ingepakt. Door de harde wind striemt het zand en is het behoorlijk frisser dan waar we vandaan komen.

De camping is nu niet wat je zegt ‘goh ik zit in Namibië’ Erg westers, erg Duits. De plek is op zich prima we hebben een eigen huisje naast de camper met privé toilet en douche.
We gaan lopend wat boodschappen doen want de winkels zijn dichtbij. Met wat we kopen, in een supermoderne supermarkt, maken we ons eten klaar. Hier is ook internet beschikbaar en dus maken we daar gebruik van om de eerste foto’s te uploaden.

Dinsdag 16 september

Vandaag een relax dagje. We lopen naar het centrum via de boulevard. Het waait als de ziekte en dat makt het fris. Als je uit de wind bent is het aangenaam. Onderweg worden we aangehouden door 2 vriendelijke jongens. Ze stellen zich voor vertellen waar ze vandaan komen en vragen naar onze naam en waar wij vandaan komen. Ze vragen ook hoe onze naam gespeld wordt. Ondertussen zijn ze met een opereermesje op een kastanjeachtige vrucht aan het kerven. Het blijkt dat ze onze naam erin zetten en deze dingetjes willen verkopen. Eerst hadden we iets van maar dit doen we niet. Maar ach, die jongens moeten ook wat verdienen en voor de helft van wat zij vragen worden wij de trotse eigenaar van zo’n balletje welke gebruikt kan worden als een sleutelhanger. Onderweg worden we nog een paar keer aangesproken maar we kunnen met deze balletjes laten zien dat we al voorzien zijn.
We zijn op zoek naar café Anton. Hier kun je Duitse taart eten. Daar zijn wij altijd wel voor in. Helaas kunnen we het niet vinden en gaan weer terug naar de camping. Ontdoen ons van de boodschappen en we lezen even in één van de reisboekjes die we bij ons hebben en gaan dan weer op pad. Nu is het snel gevonden. We bestellen koffie met een stuk taart. Helaas is het buitenterras vol dus gaan we binnenzitten. Als er even later plek is op het buitenterras, bestellen we nog een grote bak met verse aardbeien en slagroom. Als we even later nog op een bankje zitten worden we nog een keer aangesproken om balletjes te kopen. We laten de onze zien en deze worden afgekraakt want de zijne zijn beter. Hij heeft gelijk en we zeggen dat ook tegen hem en zullen mogelijke klanten naar hem sturen want wij zijn immers al voorzien. Hij begint te lachen en neemt met een zwaai afscheid van ons en wij lopen weer richting de camping.
Deze avond gaan we weer uit eten. Helaas zitten we in een restaurant waar gerookt mag worden. Hoewel het eten er goed en niet duur is nemen we geen dessert. De ruimte is te rokerig.

Woensdag 17 september

Omdat we nog stroom hebben (het schijnt dat we de komende 5 dagen dit niet hebben) nog maar even aan het verslag gewerkt voor het vertrek.
Om 10.00 zijn we vertrokken. Eerst nog langs de supermarkt om nog wat inkopen te doen voor de komende dagen. Ook deze supermarkt (de spar) is heel groot. Zoals we in Nieuw Zeeland de Nederlandse hoekjes hebben, kennen ze hier een hoekje met Duitse artikelen. We kunnen alles vinden wat we nodig hebben en om 11.00 uur rijden we echt.

We rijden weer een heel stuk langs de kust. Gelukkig stuift het nu niet. In Henties Bay tanken we. Eén jongen vult de tank en twee anderen wassen de ramen. Wat een luxe! En de diesel is hier ook nog onder de N$10 per liter. Volgens de verhuurder zou de weg voorbij Cape Cross gesloten zijn door stortregens in april. We moeten hierdoor een andere route nemen die ook nog eens een stuk om is. Dat zou betekenen dat we ca. 45 kilometer voor Cape Cross eraf moeten. Maar we willen wel de enorme kolonie zeehonden in Cape Cross zien en besluiten daarom 90 kilometer extra te rijden. (de weg is overigens stofvrij en zonder wasbord) Ook hier moeten we een vergunning kopen om erin te kunnen. Dit kost totaal €9,- dus dat is niet duur. Na nog een stukje over een hele hobbelige weg gereden te hebben zijn we er. Een hoop lawaai en zeehondenstank geeft aan dat ze er zijn. En inderdaad, honderden zo niet duizenden zeehonden liggen op het strand. Volgens de boekjes zouden er wanneer de jongen zijn geboren zo’n 200.000 zijn. Er lopen ook nog een paar jakhalzen rond om te kijken of er iets te stelen valt. Na wat foto’s geschoten te hebben (nee, geen zeehondjes!) gaan we naar een dicht bijzijnde picknick plek. Uit de stank en het lawaai nuttigen we hier onze lunch. Bij de gate informeren nog of de weg inderdaad is afgesloten. De mevrouw vertelt dat er een kleine detour is welke ook goed begaanbaar is voor 2×2 voertuigen en campers. Gelukkig, dat scheelt een heleboel kilometers (dachten we). We komen onderweg wat wegwerkzaamhedenbordjes tegen en denken ‘is dit alles?’ Nee dus. Iets verderop is een groot bord met “detour” met pijlen naar rechts. We gaan een aardig stukje landinwaarts en zo’n km of 4 worden we van de oorspronkelijke weg afgeleid. We zien dat het water veel van de oorspronkelijke weg heeft geschaad.
Als we vlakbij het dorpje Brandberg zijn, blijkt dat we niet daar moeten zijn maar bij de berg Brandberg. Dat betekent dat we toch beter van Cape Cross hadden moeten terugrijden. We komen nu uit op een niet zo’n beste D-weg en dat houdt in dat we ruim 80 km niet harder kunnen dan 50km. Uiteindelijk komen we uit in Uis een voormalig tin dorp. Hier ziet iemand ons zoeken en houdt ons aan en vraagt waar we heen moeten. In steenkool Engels en moeilijk te verstaan legt hij e.e.a. uit. We snappen er niet veel van. We geven hem wat dollars voor de uitleg en rijden zoals we zelf denken dat we moeten gaan. We rijden vrij snel op de juiste weg en de camping is dan snel gevonden. We zijn ruim voor donker op onze bestemming, maar moeten er niet aan denken om hier in het donker te rijden.
Bij het inchecken blijkt dat er een restaurant is. Ze serveren een “set menu” en we kunnen toch nog uit 4 hoofdgerechten kiezen dus zo “set” is het niet. Het eten is goed en we krijgen er zelfs een heerlijke rode bietensalade bij. Als we het eten op hebben moeten we nog een eindje door het stikdonker lopen om bij de camper te komen. Dan zijn onze zaklampjes toch wel heel handig. Op de camping wordt er bij een tentengroep een zangvoorstelling gegeven door de plaatselijke bevolking. Het klinkt erg mooi en doet ons wel denken aan de Maori Songs die we van Nieuw Zeeland kennen. Met de fotocamera nemen we een stukje op zodat we er nog eens naar kunnen luisteren.

Donderdag 18 september

Ook hier krijg je warm water door een hout gestookte kachel. De wc en douche sluit je af dmv een lat schuin voor de opening te zetten en er zit geen dak op.
We gebruiken hier ook maar het ontbijtbuffet. Niet heel ruim gesorteerd maar je eet je buikje goed rond.
Toen we gisteravond nog even zaten te wachten tot de tafel klaar zou zijn stond er een springbokje voor het raam. Hij keek even op en bedenkt zich niet en loopt zo het restaurant binnen. Het blijkt dus een tamme te zijn want met het ontbijt liep hij ook rond.
We besluiten een stukkje om te rijden. Het grootste deel over een C-weg. Deze zijn over het algemeen beter dan de D-wegen en dus comfortabeler. We komen dan door het plaatsje Khorixas waar we kunnen tanken en dan ook langs het petrified forest komen. Het forest biedt veel versteende bomen waar je de jaarringen goed kunt zien en ook waar de takken hebben gezeten.
De Aba-Huab camping valt wat tegen. Dat komt mede omdat deze in de boekjes als heel mooi wordt omschreven. Een aantal slaaphutjes zijn wat vervallen en sommigen hebben helemaal geen rieten dak meer. Ook de douches zijn maar zozo: een scheef hangend douche gordijn, een ontbrekend douchegordijn, viezigheid in het doucheputje zodat het water niet goed wegloopt en geen mogelijkheid om je spullen goed droog te houden Gelukkig staan we hier maar 1 nacht.

Vrijdag 19 september Aba-Huab – Palmwag

Vandaag naar Palmwag. Maar eerst naar Twyfelfontein. Hier zijn diverse rotstekeningen te zien. Net als bij Petrified Forest betaal je een klein bedrag en krijg je een plaatselijke gids mee die één en ander uitlegt. En op deze manier steun je ook de plaatselijke mensen in hun werkvoorziening. Men denkt dat de tekeningen hier door meerdere stammen zijn gemaakt. Mogelijk de Damara en de San in een periode van enige honderden tot duizenden jaren geleden. Een paar kilometer verderop ligt Burned Mountain of ook wel verbrande berg genoemd. Naast een berg met rood zand lijkt het inderdaad dat hier net brand is geweest. Schuin aan de overkant zijn de organ pipes dit zijn tot 5 meter hoge basalten zuiltjes. Ze lijken wel los te zitten maar om het los te trekken zul je wel wat gereedschap nodig hebben.
Vlakbij Palmwag adviseert men eerst te tanken. We moeten een gate door die suggereert dat ze op dierproducten controleren. Menige camper heeft vlees of vleesproducten aan boord. Wij dus ook. Er wordt nergens naar gevraagd. Het enige wat ze doen is het kenteken noteren en het tijdstip van binnenkomst. (deze wordt overigens afgelezen van een gsm) Honderd meter na de gate is het tankstation. Tijdens het tanken komt er een boehoe ik ben zo zielig iemand om (weer ) zo’n sleutelhanger met naam te maken. Hij vraagt N$90 maar voor N$35 maak hij het ook. Omdat hij vandaag jarig is krijgt hij voor zijn 3 kinderen ook kleurpotloden en 3 pennen mee en hij gaat breedlachend weer weg. Even verderop is de gate van de camping & de lodge. We hebben een grote plek met zicht op de droge rivier waar de woestijnolifant zich regelmatig laat zien? Dit is immers de 3e camping waar hij zou kunnen zitten.

Zaterdag 20 september Palmwag

Vandaag doen we helemaal niets. De eventuele toertochten beginnen al om 7 uur en duren 8 à 10 uur. Er zijn ook 2 wandeltochten maar aangezien het gisteren boven de 35°C was zien we hier ook van af. Eerst doen we enthousiast mee aan het ontbijtbuffet. Voor de rest van de dag vermaken onszelf met lezend in de schaduw zitten en we wassen een paar dingetjes uit. Op de achtergrond horen we af en toe de muziek van de bar. Voor we het weten is het alweer 19.00 uur geweest. Tijd om aan te schuiven bij het avonddiner. We beginnen met een lekker voorgerecht: gefrituurde champignons met een knoflooksausje. Als hoofdgerecht steak, aardappels, een soort ratatouille en cream spinach. Heerlijk! En als toetje een cream chocolate mousse. Tussen de gangen door worden we geëntertaind door personeel. Onder andere door een gids van de lodge. Hij gaat een aantal keer per week op safari met gasten. Hij vertelt dat er net 2 dagen geleden nog een olifant op het terrein is geweest. Ze schijnen hier vrij regelmatig te komen om uit het zwembad te drinken. Ook zijn er regelmatig zebra’s en giraffes te zien en heel af en toe een katachtige. Helaas niet voor ons.

Zondag 21 september Palmwag – Hobatere Camping

Vanmorgen ook meegedaan aan het ontbijtbuffet. We willen het diner van gisteravond en dit ontbijt met de creditkaart betalen. Dat viel niet mee. Het meisje dat ons hielp had hier bijna een half uur voor nodig. En waarom? Joost mag het weten. Uiteindelijk is het gelukkig wel gelukt. We ruimen onze spulletjes op en vertrekken precies om 10 uur.
In de Grootberg Pass zien we 2 onyxen en een groepje Springbokken. We maken wat foto’s en opeens zegt Jack “Hé, er staat daar ook een ezel”. Ook maar een foto van nemen. Hij staat daar zo mooi op de uitkijk. Met de telelens erop blijkt het een ezel in pyjama. Een zebra dus! Ook zijn er nog wat hertenbeestjes met grote oren. (kudu’s dus) Na een aantal foto’s rijden we weer verder. Onderweg een klein stukje voor Kamanjab houden we een pauze. We houden de omgeving goed in de gaten, maar hier is helaas geen wild te spotten. In Kamanjab blijken de winkels gesloten te zijn. Dit is jammer want boord en flessenwater zou welkom zijn. We rijden een nieuwe hoofdweg op om onze route te vervolgen en rijden zomaar op een geasfalteerde weg. Wat een luxe, geen gerammel, geen kabaal en vooral geen stof. Een eindje verder zien we een aantal giraffes. Errug leuk.
De camping in Hobatere is super eenvoudig, maar erg mooi gelegen. Ook hier zijn de douches en toiletten bijna in de openlucht. Met dubbel zwart doek ben je afgeschermd met de rest van de wereld en natuurlijk goede ventilatie. De campingbaas, met lang haar en een petje, (net als Ruud Gullit in de jaren 80 ) wees ons aan: bij de groene watertonnen is een mooi uitzichtpunt. En dat klopte. We stonden er nog maar net of er kwam al een groepje bavianen aan. Om ze een beetje in de gaten te houden waar ze naar toe gingen, klommen wij nog wat hoger. Beneden ons was een natte plek waar een aantal zebra’s stonden en waar de bavianen zich hadden bijgevoegd. Er was ook nog even een giraffe, maar deze trok zich terug na de aankomst van de bavianen. Even verderop stonden nog 2 onyxen. Het was een mooi schouwspel. Bij de camper was het iets minder fijn. Het stikte van de vliegen.

Maandag 22 september Hobatere Camping – Opuwa

We hebben voordat we weg gingen nog even de bult beklommen om te kijken of er nog beestjes te zien waren. Het blijkt dat de waterplek een kunstmatige is. Deze is nu goed gevuld. Alleen zijn er nu geen beestjes bij. Verderop scharrelt wel wat rond. We zoeken even een ander plekje en zien dan een één of ander beestje zo groot als een flinke kat. We weten alleen niet wat het is, wel natuurlijk foto’s genomen dus we kunnen nog nagaan wat het is. Was trouwens niet moeilijk. Hij stond als versteend (in dezelfde kleur als de rots) en hield ons strak in de gaten. Achter een andere rots bleek een mooie overdekte uitkijkpost te zijn. Twee bankjes erin en een schitterend uitzicht op de waterplaats. Jammer genoeg konden we hier niet de hele ochtend blijven zitten, want we horen om 10 uur van de camping af te zijn. De camping baas was bij onze camper en vroeg of we ons gisteren hadden ingeschreven. Nog niet. Hij vertelde dat er een leeuwin rond een uur of 21 bij zijn huisje/hut/kantoortje rondgesnuffeld had. M.a.w. altijd alert zijn.
Als we nog niet zo lang onderweg zijn zien we de eerste hertenbeestjes. Een groep springbokjes, een paar onyxen en twee met gedraaide hoorns. Als we weer rijden krijgen we een lekke band. Na meer dan 1200 km op gravel gereden te hebben met grote scherpe stenen, krijgen we nu op een asfaltweg een lekke band. De band is helemaal stuk gereden. Door goed teamwerk hebben we de band in 20 minuten verwisseld en zijn dus weer snel onderweg. Bij de eerstvolgende rustplaats bellen we met Maui zodat zij ervoor kunnen zorgen dat in onze volgende plaats (Opuwa) een nieuwe reserve band klaarstaat. Dit valt nog niet mee. De band moet uit Windhoek komen met een koerier.
In Opuwa aangekomen zien we gelijk Continental waar de band bezorgd wordt. Zogauw we stilstaan komen er kinderen om pennen vragen en jonge vrouwen met afwasbakjes vol met zelfgemaakte armbanden en kettingen. Ook is er een guide die zijn diensten aanbiedt om ons naar een Himba dorp te begeleiden. Gelukkig kunnen we de auto bij Continental op het terrein zetten en zijn we verlost. De (blanke) baas wordt gebeld en hij vertelt dat de band er morgen tussen 10 en 12 zal zijn.
We gaan boodschappen doen en spreken met de guide af om morgen een toer te doen. We rijden naar het hotel waar een camping aan gekoppeld is en waar wij staan. Het is een poepsjiek hotel met internet faciliteiten en staat aan de rand van een berg. We reserveren gelijk maar een tafel om te eten.

Dinsdag 23 september Opuwa – Ruacana

Na een mislukte poging om nog wat foto’s op de site te zetten rijden we richting het dorp. Onze Himba gids staat al aan de kant van de weg ons op te wachten. Hij stapt bij ons in de camper en vertelt dat hij al bij Continental is geweest en dat de band er tegen 12 zal zijn. We gaan eerst wat inkopen doen om de Himba’s te betalen. Dit gebeurt oa met een paar zakken meel. De gids kost ons N$ 260. Na een half uurtje rijden komen we aan bij een dorp. De gids babbelt wat met één van de mensen en wij worden er bijgehaald. Ons wordt e.e.a uitgelegd over de kleding en we mogen zoveel foto’s maken als we willen. Voor N$ 150 doen de dames ook nog een paar dansen met zang. Het stelt niet veel voor maar het is leuk om te zien. Met name hoe die kindjes tijdens het dansen op de rug zitten. Vervolgens gaan we naar nog een stam. Dit zou de familie van de gids zijn. Hier hebben een paar mannen net een geit geslacht en zijn de ingewanden aan het onderzoeken. Hier kunnen ze in lezen hoe de oogst zal zijn, of er binnenkort iemand komt te overlijden en het weer kan voorspelt worden. Hier raken we ook onze zak met drop kwijt. De gids deelt uitbundig en de kinderen en de volwassenen snoepen er gretig van. Als we weer in het dorp zijn moeten we nog een tijdje wachten tot de band er is. Uiteindelijk is het 2 uur geweest voordat we weer op doorreis zijn.
De camping in Ruacana is even lastig te vinden. De camping is mooi alleen niet zo mooi gelegen er is ook niet zoveel te doen. We zouden nl. eerst ergens anders staan maar door de regenoverlast in april schijnt ook deze weg ernaartoe niet begaanbaar te zijn.

Woensdag 24 september Ruacana

Zo, vandaag lekker niets doen. Dat wil zeggen, er moet weer e.e.a. uitgewassen worden en dat gebeurt hier ook met de hand en met verschillende wasjes ben je daar toch wel een halve dag mee bezig. De plek waar we staan is eigenlijk teveel in de zon dus zoeken we een andere plek. Deze is snel gevonden want we staan helemaal alleen. We zullen hier alleen ‘last’ hebben van de late middag zon. Al keutelend, lezend, wassend en niets doen komen we de dag goed door. Helaas zijn we ons mooie waslijntje, welke we in NZ gevonden hadden, op een vorige camping vergeten dus moeten we de was anders ophangen. Ondanks dat het niet waait is de was snel droog. Het is dat ook zo’n 37 graden.
Na al deze vermoeiende bezigheden besluiten we ook weer uit eten te gaan.

<<Naar Sesriem Door het Etosha Park>>

Naar Sesriem

Dinsdag 9 september

Vandaag reizen we verder. Na weer een heerlijk ontbijt is het de spullen verzamelen, het in de koffer doen, hotelrekening betalen en een taxi bestellen. Buiten staat een Indiër hij is portier van het hotel en zal voor ons een taxi aanhouden. Dit wil zeggen als hij er één ziet, staat hij driftig te gebaren en luid op zijn fluitje te blazen. Het helpt wel want drie tellen later stopt er al één. De rit naar het vliegveld verloopt spoedig. We kunnen daar al snel de koffers afgeven de plaatsen hebben we al via internet gereserveerd. Bij de balie vraagt de stewardess of we onze koffers in Johannesburg nodig hebben en wij zeggen ja omdat we pas de volgende dag doorreizen.
In het vliegtuig hebben we zeeën van ruimte het is nog niet voor de helft gevuld. Bovendien is het een vrij nieuw toestel met mooie grote beeldschermen met touch screen. Het is een vlucht van ruim 8 uur en we vermaken ons met tv te kijken. Ze hebben een aantal leuke komedies in de aanbieding.
In Johannesburg blijkt dat onze koffers toch doorgelabeld zijn naar Windhoek, dat betekent dus dat we geen bagage hebben, dus geen tandenborstel, zeep en schone kleren. De shuttle is gauw gebeld en na een half uurtje zijn we op onze kamer. Heel wat simpeler dan in Dubai, maar we zijn er dan ook alleen om te slapen.

Woensdag 10 september

Gelukkig zijn er handdoeken en is er zeep dus we kunnen in ieder geval douchen. Het ontbijtbuffet is ook simpel maar ruim voldoende.
Om 9 uur hebben we de shuttle naar het vliegveld. Hier zijn we ook al voor ingecheckt maar Jack heeft stoel 12A en Marjan heeft 31D, dat is dus door diezelfde muts als van de koffers gedaan. Helaas is het vliegtuig helemaal vol dus we zullen we de hele vlucht van elkaar gescheiden zijn. Gelukkig is het een korte vlucht van 2 uur.
Bij aankomst worden we opgewacht door de shuttle van Maui, de camperverhuurder. Het vliegveld blijkt toch nog zo’n 40 km van Windhoek verwijderd te zijn. Dus zijn we nog zo’n drie kwartier langer onderweg.
Bij aankomst bij de camperverhuurder is het alle formaliteiten langs lopen en dan kunnen we op pad. Eerst naar de supermarkt. Op het parkeerterrein komt er al gelijk iemand op ons af om op de auto te passen. Men raadt ook aan om hiervan gebruik te maken en dat doen we dus maar. We krijgen een briefje dat het min of meer officieel is en dat de oppasser niet mag aandringen op een fooi.
Het is een ruim gesorteerde supermarkt en we kunnen alles vinden wat we normaal ook kopen om de camper voor de eerste dagen te vullen. Na de boodschappen zoeken we onze camping op. Het is dan ook al inmiddels ver in de middag.

Donderdag 11 september

Omdat we maar een korte afstand hebben te gaan, besluiten we eerst nog even naar de verhuurder te gaan. We hebben nl. geen kaart meegekregen. En een paar extra kussens is ook niet weg. Met de tomtom is de verhuurder vrij snel gevonden. En na excuses over het ontbreken van de kaart kunnen we dan echt op pad.
Even buiten Windhoek is een politiepost. Er worden standaard controles uitgevoerd. Ook wij worden aangehouden. Rijbewijs, huurovereenkomst en hij vraagt om een cross border charge permit. Een wat? De eerste twee hebben we, maar dat laatste? Hij legt uit dat je zo’n papiertje nodig hebt omdat we in een Zuid Afrikaanse camper rijden. We bellen de verhuurder. Hij zou het opzoeken. Het blijkt dat ie het niet kan vinden, hij moet een nieuwe halen en zal deze dan brengen. Ondertussen bekijken wij het schouwspel van een groep bavianen. Ze zijn op een voetbalveld aan het rennen en dollen met elkaar. Erg leuk om te zien.
Na dit korte oponthoud (duurde toch nog 1 ½ uur) rijden we even verder een weg in om een oorlogsmonument te bezichtigen. We moeten een groot hek door waar beveiliging zit en 3 dames om tickets te verkopen. Verder is er in de wijde omtrek geen mens, laat staan een toerist te zien. Het monument is ter ere van de vrijheidsstrijders van nog niet zo lang geleden. Er is zelfs een restaurant en om een hoekje staat een caravan met nog een stuk of drie militairen in de schaduw. Het geheel is nog een beetje in opbouw en er wordt ons gevraagd of we toch wel reclame willen maken zodat er meer mensen komen.
Na een totale afstand van zo’n 80 km komen we aan bij onze camping. Deze is gelegen aan een kunstmatig gelegen stuwmeer en het is er erg rustig.
Wij krijgen een mooi plekje aan het water waar het niet meevalt om de camper een klein beetje vlak te zetten. Ondanks het oponthoud is het nog vroeg. We pakken onze stoeltjes en zitten lekker even niets te doen. Er zijn grappige vogeltjes te zien en er vaart een kano voorbij en voor we het weten is het zes uur en staat onze tafel gedekt in het restaurant. We worden er allervriendelijkst ontvangen, we kunnen even buiten zitten om de zon onder te zien gaan, maar helaas wordt het al snel fris en gaan we binnen zitten. Ze hebben een vrij hoog tempo om te serveren. Zo gauw je het op hebt halen ze het bord al weg en vrij snel komt het volgende er al aan. We hebben dus in een rap tempo het eten op. Voor weinig geld (26 euro) allebei een drie gangen menu.
Omdat het dus al snel donker is en koud, liggen we al snel in bed en maken zo een lange nacht.

Vrijdag 12 september

Het is vrij koud bij het wakker worden. Krap 11 graden en de camper staat in de schaduw dus het duurt even voordat het in huis ook lekker warm is. Gelukkig is er nog geen wind en in de zon is het dan ook al snel lekker. De vogeltjes dartelen vrolijk in het rond. Er is zelfs een halve zool bij die constant op één van de buitenspiegels gaat zitten en er tegenaan zit te tikken.
Even na tien uur rijden we weg. Ook vandaag niet zo’n lange afstand en niet veel onderweg te doen. Het landschap doet ons denken aan de outback van Australië. Alleen is het hier geler en wat kleine bergjes op de achtergrond. Op een mooi plekje half onder een boom gebruiken we de lunch. We zitten er ruim een uur en in die tijd zijn er zo’n 3 auto’s voorbij gekomen. Onderweg zien we nog een groep bavianen. Eigenlijk net te ver weg om er goede foto’s van te maken.

De camping is heel bijzonder. Als we bij de receptie ingecheckt zijn, kunnen we achter een quad aanrijden die ons het plekje aan zal wijzen. Dit is een behoorlijk eind van het huis vandaan. Het zijn 6 plekken. Ieder zo groot als een half voetbal veld. Er staat op elke plek een grote open legertent met een tafel en twee stoelen om in de schaduw te zitten. We hebben onze eigen in de rotsen gebouwde douche en toilet. Het toilet heeft een flush en is dus niet zo’n longdrop zoals je ze in Australië en Canada tegen zou komen zo ver van de bewoonde wereld. De douche is ook in de rotsen gebouwd en is via een andere trap te bereiken. Beide ruimtes worden afgeschermd door een hekwerk dus je hebt wel privacy. Het warme water voor de douche wordt verkregen door een stookketel. Er wordt hout in gedaan en aangestoken en na een uurtje hebben we warm water. Het enige wat er ontbreekt is stroom. Dus we moeten alles doen op de extra accu. D.w.z. licht en de koelkast. Water koken gaat met het keteltje op het gas.Het is maar goed dat we bijna volle maan hebben want anders zou het er aarde donker zijn en het toilet niet te vinden zijn. (We hebben natuurlijk wel zaklampjes bij ons)

Zaterdag 13 september

Vandaag rijden we via Solitaire naar Sesriem. We moeten door een hele steile pas naar beneden. Gelukkig is Jack een goede chauffeur en komen we weer veilig beneden. Na helemaal door elkaar gerammeld te zijn. komen we aan in Solitaire. Een benzinepomp, een winkeltje, een restaurant, een camping, een paar huizen en that ‘s it. Na getankt te hebben en (alweer een lekkere) koffie met het beroemde stuk appeltaart genuttigd te hebben, gaan we weer verder. Het is nog zo’n 80 km ook op onverharde weg.
Bij Sesriem rijden we zowaar de camping voorbij. Eigenlijk is het niet mogelijk, maar we laten ons iets teveel laten leiden door de tomtom. Gelukkig hebben we het wel snel in de gaten en draaien om. We rijden de camping op en kunnen niet zo snel de office vinden. We vragen het even aan een hele zwarte man (wat kunnen sommige mensen toch een hele zwarte huid hebben. Zullen zij net zo verbaasd zijn over onze o zo witte huid?). Het blijkt naast de shop te zijn. Wij weer terug. Het blijkt dat je ook je permit moet kopen om het nationale park in te kunnen. En wie wil er niet een mooie zonsopgang of ondergang op het rode zand zien? (Het heeft wel een hoog Ayers Rock oftewel Uluru in Australië gehalte)
Ook op deze camping ruime hete douches en schone flush toiletten. Helaas geen stroom laat staan internet. Wat dat betreft zijn we wel verwend op onze andere verre reizen. Iedere plek hier heeft een eigen boom en kraantje. Totaal zij er een kleine 30 plaatsen, sommige omheind door een muurtje, andere door paaltjes en enkele geen omheining.
Vanavond moeten we weer zelf koken, maar ook dat is goed te doen zelfs als de magnetron het niet doet.

<<Eerst lang Dubai Helemaal naar het noorden>>

Eerst langs Dubai

Vrijdag 5 september

Vandaag vertrekken we!
Om 2 uur zijn Klaas en Pita er om de verzorging van de beestjes van ons over te nemen. We hebben ruim de tijd om e.e.a. te bespreken en een kopje thee te nuttigen. Wij kunnen nog de laatste was doen en om even na 4 zitten we paraat in de auto om te vertrekken naar Dusseldorf waar om 9 pm ons vliegtuig vertrekt.
De rit er naar toe verloopt voorspoedig de verwachtte files blijven uit. We zijn zelfs zo vroeg dat de incheck balie nog niet open is. Nu moet ik er wel bij vermelden dat dit later is dan op Schiphol. Op Schiphol is dit meestal 3 uur voor vertrek en hier is het iets meer dan 2 uur. We hebben onze plekken al gekozen via internet. Lekker voor in het vliegtuig zodat je het minst last hebt van eventuele turbulentie.
De vlucht verloopt spoedig en ruim binnen de gestelde tijd komen we aan in Dubai.

Zaterdag 6 september

We zijn snel door de douane en nemen een taxi naar het hotel. Het is nog heel rustig op de weg en zijn er dan ook al snel.
We worden vriendelijk geholpen maar zoals te verwachten zijn de kamer nog niet gereed (het is dan ook net 7 uur en we kunnen pas officieel om 2 uur op onze kamer) Gelukkig is er een Starbucks in het hotel en deze is ondanks de ramadan gewoon open. Om 11 uur kunnen we naar onze kamer. We settelen ons een beetje doen even een kort slaapje en voor we het weten is het alweer ver in de middag.
Aan de overkant van de straat is het Dubai Museum hier nemen we een kijkje. Het museum vertelt één en ander over de geschiedenis van Dubai. Na het museum lopen we nog naar de Creek het is hier een drukte van jewelste, de bootjes varen af en aan. Ook lopen we nog over een textiel souk (soort markt) Ondanks dat het het eind van de middag is is het nog behoorlijk warm en het zweet loopt je over de rug zo je ………. in.
In het hotel is een oriëntaals restaurant en hier gaan we dan ook eten.

Zondag 7 september

Het belooft weer een hele warme dag te worden. Op loopafstand is een hele luxe mall. We lopen er naar toe en hebben de paraplu opgestoken om zo de zon een beetje te weren. In de mall is het heel erg rustig. Het personeel heeft geen ene moer te doen en de collega’s staan volop met elkaar te kletsen of de toch al keurige stapeltjes kleding een beetje te herschikken. Alle eet en drinkgelegenheden zijn gesloten. Eerst hebben we het niet in de gaten maar het is immers Ramadan. Wat later in de middag gaan een paar zaakjes zoals Subway en Burger King open. Je kunt er wel kopen maar niet aan een tafeltje zitten om het te eten.
Na de hele middag hier rondgescharreld te hebben trotseren we weer de warmte en lopen naar het hotel. Ook nu gaan we eten in een restaurantje van het hotel. Nu een buffet met Arabisch en oriëntaals eten.

Maandag 8 september

Na weer een uitgebreid ontbijt en na even bijkomen van dit ontbijt nemen we om een uur of twaalf een taxi naar The Mall of the Emirates Het blijkt een tochtje van een klein half uur te zijn en dat kost nog geen 8 euro. We rijden ook nog langs het hoogste gebouw ter wereld wat nog steeds in aanbouw is. Helaas is de lucht niet helder dus een foto maken heeft geen zin. De mall is erg groot en ook hier zijn de meeste eetgelegenheden gesloten. Een enkele is open en serveert achter gordijnen. Om 2 uur gaat de skihal open. Omdat we niet kunnen skiën is er een mogelijkheid om in de sneeuw rond te stappen en wat foto’s te maken van die het wel kunnen. Ondanks de gehuurde broek, jas en schoenen wordt het na een half uurtje wel fris. Het is hier binnen dan ook -4 en buiten + 42.
We lopen nog wat rond en voordat we de taxi nemen naar de Burj Al dinges kleden we ons om in de toiletten. Bij één van de ingangen van de Mall is een taxi instapplaats. Snel naar buiten en een taxi in. Na een ritje van 10 minuten komen we aan bij de Burj. Bij de poort worden we tegen gehouden en na overleg van onze bevestiging van de high tea mogen we door. Bij de entree staan een flink aantal portiers. Zij openen de deuren voor ons en eenmaal binnen worden we opgevangen door gastvrouw 1. Zij wijst ons naar de lift en in een mum van tijd zijn we op de 18e etage. Hier worden we opgevangen door gastvrouw 2. Zij controleert onze namen en heeft als aantekening dat we iets te vieren hebben. (dat was gemeld bij de reservering) Ze feliciteert ons en leidt ons naar de ruimte. Ze vertelt dat vanwege de ramadan de relaxruimte van de spa’s nu gebruikt wordt voor de tea. Bij ons tafeltje aangekomen worden we overdragen aan gastvrouw 3. Zij geeft ons de kaart van de soorten thee en koffies waar we uit kunnen kiezen.
Als eerste krijgen we finger sandwiches voor ieder een stuk of 8 hele kleine broodjes en allemaal heel bijzonder belegd. Vervolgens een stukje zalm in bladerdeeg met een apart sausje, scones met homemade jelly, een coupe met een bolletje ijs, een bakje gemaakt van koekjes met fruit, petits four en een etagère met bonbons. En omdat we een feestje vierden kregen we een mooie roos en nog een speciaal chocolade gebakje. Toen we weer beneden kwamen met de lift hebben we nog even rondgescharreld en wat foto’s genomen. Alles bijelkaar heeft het zo’n 2 ½ uur geduurd en was toch wel bijzonder om in het enige 7******* hotel ter wereld binnen te zijn geweest. Helaas hebben we van de buitenkant geen foto kunnen maken en op afstand was het niet de moeite mede omdat Dubai in een smog laag zit.

Naar Sesriem>>