Zondag 17 juni Revelstoke
Het lijkt een aardige dag te worden, alhoewel de lucht nog wel wat bewolkt is. We gaan met de auto The Summit Parkway op (zover we kunnen) Bij de ingang van het Park zien we dat we tot 16 km kunnen rijden (de weg is 26 km lang). Tot de 16 km maken we af en toe een stop om van het uitzicht te genieten. Bij de 16 km aangekomen is het hek gesloten. We kunnen hier de camper parkeren en we gaan te voet nog een eindje verder. Je zou zeggen dat je al snel sneeuw op de weg zou zien maar niet is minder waar. Tot de 20 km grens ligt er alleen sneeuw in de berm. We lopen nog één kilometer verder en krijgen dan pas het eerste beetje sneeuw op de weg. Nog een klein stukje verder is de weg pas onbegaanbaar voor verkeer. Jammer dat we niet tot de 20 km konden rijden, dan hadden we te voet de top kunnen zien. Deze 5 km bergop was toch wel een beetje saai om te lopen.
Als we weer naar beneden rijden maken we een stop bij een uitkijkpunt om een late lunch tot ons te nemen.
Omdat we gisteren het dorp al bekeken hebben (erg saai) besluiten we naar de camping te gaan, een andere dan gisteren nl. de KOA ook hier zouden ze wifi hebben.
Lekker in het zonnetje met een boekje maken we de dag vol.
Maandag 18 juni Revelstoke – Lake Louise
Dit was de derde KOA en tevens de slechtste. Alles was rommelig gelukkig wel schoon. De wifi viel ook tegen. Deze zou alleen werken bij de office maar zelfs daar konden we geen verbinding krijgen.
Gisteravond is het gaan regenen en dat doet het nog steeds. Gelukkig als we wegrijden begint de lucht wat op te klaren. We besluiten de Giant Cedars Boardwalk te lopen. Het is nagenoeg droog en het is een leuke hele korte wandeling. Een aantal kilometer verderop is de Hemlock Grove Trail, hier maken we ook het rondje. Bij Rogers Pass stappen we weer uit. Hier is ook een soort Discovery Centre. Alleen met een geldige Parkapas mag je naar binnen en de tentoonstelling bekijken. We drinken nog een kopje koffie en gaan door naar Golden. We gaan het dorpje in en lunchen er. We rijden door Yoho National Park naar Lake Louise. Het eerste stuk wordt er flink aan de weg geknutseld. Er wordt een groot viaduct gebouwd en de weg wordt verbreed. Omdat het al vrij laat is zullen we morgen terugkomen om wat te wandelen.
Dinsdag 19 juni Lake Louise – Banff
Tjonge jonge, wat een kl*%#te treinen hier. Nemen gelijk het besluit om vanavond in Banff te overnachten. Wel wat om, maar geen trein (zo vlakbij) en heerlijke douches.
We hadden de bedoeling om naar de Takakkaw Falls te rijden en daar een wandeling te doen. Helaas is ook deze weg nog afgesloten vanwege de sneeuw. Eerst gaan we naar The Natural Bridge: een rots in de rivier. Vroeger was dit een watervalletje maar de tand des tijds heeft er voor gezorgd dat er een gaatje is ontstaan waar nu het water zich doorheen perst. We rijden de weg verder af naar Emerald Lake. De naam doet het meer eer aan. Het is inderdaad een apart kleurtje groen. Het is hier trouwens een stuk koeler en bewolkter dan bij Lake Louise. We rijden vervolgens Field in. Van de weg afgezien is het een leuk plaatsje, maar er valt niets te beleven. Het enige terras dat we zien is vol. We rijden naar de Spiral tunnels. Hier heeft men. Tunnels in de berg “geblazen” (met dynamiet) om de trein niet zo steil te laten dalen en stijgen. Er is hier een uitkijkplaats. Op een gegeven moment hoor je trein achter je langs komen en even later zie je hem onder je., hij verdwijnt dan in een tunnel en vervolgens met een draai komt ie weer terug. Als de trein lang genoeg is kun je hem op drie plekken zien. (zie ook foto 106).
Als we richting Banff rijden zien we een jonge beer in de berm gras en bloemetjes eten. Hij schrikt zich rot als er een vrachtwagen langs dendert.
In Banff op de camping kiezen we een plekje uit niet te ver van de toiletten en douches en de wifi verbinding. Als we bezig zijn met de late lunch komen de squirrels snel te voorschijn. Marjan zit buiten en moet het brood in veiligheid brengen om niet “aangevallen”? te worden. Eentje is zo brutaal om via haar been omhoog te klimmen. Het is moeilijk zo’n bedelend beestje te weerstaan en geen brood te geven, maar het lukt wel.
We gaan nog even kijken bij Lake Minnewanka. Je kunt hier boottochtjes maken en kanoën. Je moet alleen niet het water in willen want ook ’s zomers is het maar een paar graden boven nul. Ook gaan we het stadje nog in. Het is lekker weer en met een coffee to go zoeken we een bankje in de zon op.
Woensdag 20 juni Banff – Nordegg
Het is mooi weer. Eerst gaan we nog even bij de Hoodoos kijken. Rare pilaren gevormd in de loop der jaren. Omdat we vorige week zulk slecht weer hadden bij Moraine Lake gaan we nog een keer even kijken. Een heel ander gezicht en véél drukker. We rijden verder om bij Peyto Lake te kijken. Rolf en Nicky hadden daar vorige week nog ijs op het meer zien liggen, maar dat was ondertussen gesmolten. Wel lag er op de parkeerplaats nog zat sneeuw en ook hier was het behoorlijk druk. Moet er niet aan denken om hier te zijn in juli of augustus, de drukste maanden.
Bij de Num-Ti-Jah (is Indiaans voor pine marten, wat een klein beestje is)Lodge kijken we ook even. We rijden verder en de camping blijkt dichterbij te zijn dan we in eerste instantie dachten. Het plaatsje Nordegg ligt namelijk zo’n veertig kilometer verderop. We zetelen ons zelf in het zonnetje en genieten van een drankje en een boekje.n kilometer verder en krijgen dan pas het eerste beetje sneeuw op de weg. Nog een klein stukje verder is de weg pas onbegaanbaar voor verkeer. Jammer dat we niet tot de 20 km konden rijden, dan hadden we te voet de top kunnen zien. Deze 5 km bergop was toch wel een beetje saai om te lopen.
Als we weer naar beneden rijden maken we een stop bij een uitkijkpunt om een late lunch tot ons te nemen.
Omdat we gisteren het dorp al bekeken hebben (erg saai) besluiten we naar de camping te gaan, een andere dan gisteren nl. de KOA ook hier zouden ze wifi hebben.
Lekker in het zonnetje met een boekje maken we de dag vol.
Maandag 18 juni Revelstoke – Lake Louise
Dit was de derde KOA en tevens de slechtste. Alles was rommelig gelukkig wel schoon. De wifi viel ook tegen. Deze zou alleen werken bij de office maar zelfs daar konden we geen verbinding krijgen.
Gisteravond is het gaan regenen en dat doet het nog steeds. Gelukkig als we wegrijden begint de lucht wat op te klaren. We besluiten de Giant Cedars Boardwalk te lopen. Het is nagenoeg droog en het is een leuke hele korte wandeling. Een aantal kilometer verderop is de Hemlock Grove Trail, hier maken we ook het rondje. Bij Rogers Pass stappen we weer uit. Hier is ook een soort Discovery Centre. Alleen met een geldige Parkapas mag je naar binnen en de tentoonstelling bekijken. We drinken nog een kopje koffie en gaan door naar Golden. We gaan het dorpje in en lunchen er. We rijden door Yoho National Park naar Lake Louise. Het eerste stuk wordt er flink aan de weg geknutseld. Er wordt een groot viaduct gebouwd en de weg wordt verbreed. Omdat het al vrij laat is zullen we morgen terugkomen om wat te wandelen.
Dinsdag 19 juni Lake Louise – Banff
Tjonge jonge, wat een kl*%#te treinen hier. Nemen gelijk het besluit om vanavond in Banff te overnachten. Wel wat om, maar geen trein (zo vlakbij) en heerlijke douches.
We hadden de bedoeling om naar de Takakkaw Falls te rijden en daar een wandeling te doen. Helaas is ook deze weg nog afgesloten vanwege de sneeuw. Eerst gaan we naar The Natural Bridge: een rots in de rivier. Vroeger was dit een watervalletje maar de tand des tijds heeft er voor gezorgd dat er een gaatje is ontstaan waar nu het water zich doorheen perst. We rijden de weg verder af naar Emerald Lake. De naam doet het meer eer aan. Het is inderdaad een apart kleurtje groen. Het is hier trouwens een stuk koeler en bewolkter dan bij Lake Louise. We rijden vervolgens Field in. Van de weg afgezien is het een leuk plaatsje, maar er valt niets te beleven. Het enige terras dat we zien is vol. We rijden naar de Spiral tunnels. Hier heeft men. Tunnels in de berg “geblazen” (met dynamiet) om de trein niet zo steil te laten dalen en stijgen. Er is hier een uitkijkplaats. Op een gegeven moment hoor je trein achter je langs komen en even later zie je hem onder je., hij verdwijnt dan in een tunnel en vervolgens met een draai komt ie weer terug. Als de trein lang genoeg is kun je hem op drie plekken zien. (zie ook foto 106).
Als we richting Banff rijden zien we een jonge beer in de berm gras en bloemetjes eten. Hij schrikt zich rot als er een vrachtwagen langs dendert.
In Banff op de camping kiezen we een plekje uit niet te ver van de toiletten en douches en de wifi verbinding. Als we bezig zijn met de late lunch komen de squirrels snel te voorschijn. Marjan zit buiten en moet het brood in veiligheid brengen om niet “aangevallen”? te worden. Eentje is zo brutaal om via haar been omhoog te klimmen. Het is moeilijk zo’n bedelend beestje te weerstaan en geen brood te geven, maar het lukt wel.
We gaan nog even kijken bij Lake Minnewanka. Je kunt hier boottochtjes maken en kanoën. Je moet alleen niet het water in willen want ook ’s zomers is het maar een paar graden boven nul. Ook gaan we het stadje nog in. Het is lekker weer en met een coffee to go zoeken we een bankje in de zon op.
Woensdag 20 juni Banff – Nordegg
Het is mooi weer. Eerst gaan we nog even bij de Hoodoos kijken. Rare pilaren gevormd in de loop der jaren. Omdat we vorige week zulk slecht weer hadden bij Moraine Lake gaan we nog een keer even kijken. Een heel ander gezicht en véél drukker. We rijden verder om bij Peyto Lake te kijken. Rolf en Nicky hadden daar vorige week nog ijs op het meer zien liggen, maar dat was ondertussen gesmolten. Wel lag er op de parkeerplaats nog zat sneeuw en ook hier was het behoorlijk druk. Moet er niet aan denken om hier te zijn in juli of augustus, de drukste maanden.
Bij de Num-Ti-Jah (is Indiaans voor pine marten, wat een klein beestje is)Lodge kijken we ook even. We rijden verder en de camping blijkt dichterbij te zijn dan we in eerste instantie dachten. Het plaatsje Nordegg ligt namelijk zo’n veertig kilometer verderop. We zetelen ons zelf in het zonnetje en genieten van een drankje en een boekje.