Grand Canyon

Dag 12

Woensdag 21 september Prescott – Flagstaff

We rijden redelijk op tijd weg en zijn daarom al ruim voor 9 uur in Prescott. Volgens de boekjes zou het een oude kern hebben, wat gezelligheid zou uitstralen. Dat viel op dit tijdstip wat tegen. De meeste zaakjes waren nog gesloten en het was nog redelijk rustig. Wel zien we een zaakje met kunst dat de leuke naam Van Gogh heeft en Gallery geschreven met de G als oor. Grappig. Bij de plaatselijke VVV halen we nog een mooie wegenkaart en we rijden weer verder. We komen op redelijke hoogtes met mooie uitzichten. We rijden onder andere door Jerome een klein, leuk plaatsje met fenomenale uitzichten. Vervolgens rijden we naar Red Rock State Park, we betalen een dollar of 8 entree en gaan naar het Visitor Center. Op zich wel aardig met behoorlijk wat info en buiten een aantal wandelingen.

De wandeling die wij op het oog hadden, bleek gesloten te zijn (was bij het water en een beetje in de schaduw). We hebben nog wel een stukje gelopen, maar het was vrij warm en pal in de zon. We zijn weer snel naar de camper gegaan, nadat we wat foto’s genomen hadden en zijn het park weer uitgereden. Eigenlijk zonde van het geld, want iets verderop konden we nog mooiere foto’s maken van de Red Rock.
Via een mooie slingerweg met mooie uitzichtpunten reden we naar Sedona. Een leuk, behoorlijk toeristisch plaatsje, waar we door de hoofdstraat gelopen hebben en gelijk wat gegeten. Het laatste stuk bracht ons naar Flagstaff de overnachtingplaats voor vandaag. De camping is redelijk, geen toppertje maar wel van alles voorzien.

Dag 13

Donderdag 22 september Flagstaff – Grand Canyon

Uiteindelijk was het vanmorgen pas 10 uur dat we vertrokken. We hadden een goede internetverbinding, zowel de wifi als de mifi waren goed, dus hoog tijd om de site bij te werken. Toen dat gebeurd, was konden we rijden. We namen de zogenaamde ‘scenic route’, een afwisselende route dus. Ondanks dat deze afwisselend was, was het toch een beetje saai. De afstand was niet zo groot, slechts 140 km, dus we waren om 12 uur ter plaatse. We hadden 3 campings uitgezocht. Eén van Carel & Corry (wiens route wij volgen), één van René (een kennis die in mei het westen van USA heeft bezocht) en één die Wereldcontact voor de groepsreis aandoet. Deze laatste is vrij duur, dus die viel al af. We dachten te gaan voor die van René, maar besloten eerst te kijken of de camping van Carel & Corry nog plek had. We waren vroeg, dus dat zou zo maar kunnen. Drie jaar geleden, toen zij er waren, was deze nl. vol. En ja, er was nog plek zat. Alle ruime plekken liggen redelijk mooi tussen de bomen en hebben een eigen vuurpot en picknicktafel. We gingen een boterhammetje eten, de tas werd gepakt en we konden op pad om te zien hoe mooi deze canyon wel niet is. Er is hier een gratis bussen systeem, 3 routes die aan elkaar zijn gelust laten je een heel groot gedeelte van de Zuid-Rim zien. Je kunt op diverse plekken uitstappen, stukken lopen en weer opstappen. Het is inderdaad mooi en indrukwekkend, deze grootste canyon ter wereld. Even wat cijfers:
Grootte van het park: 4.927 vierkante km
Lengte van de Canyon: 446 km
Diepte van de Canyon: maximaal 1.829 meter
Breedte van de Canyon: gemiddeld 16 km, maximaal 29 km
Nationaal Park sinds: 26 februari 1919
Aantal bezoekers in 2010: 4.388.386

Vorig jaar waren we in Namibië, en daar is de op één na grootste canyon ter wereld, de Fish River Canyon. Het verschil tussen deze twee is, is dat die in Namibië meer grijstinten heeft, terwijl de Amerikaanse meer kleuren heeft. Een ander verschil is het aantal mensen, We denken dat we nu in een relatief rustige periode zaten, maar het was nog aardig druk. In Namibië waren we bijna alleen met de mensen van de groep. En dat geeft toch meer sfeer en grootsheid van dit natuurwonder, ondanks dat deze canyon kleiner is. Zijn we teleurgesteld? Absoluut niet. We hebben van ongeveer 5 uitkijkpunten foto’s genomen. Vervolgens een pitstop in de Village en toen met de bus naar het favoriete punt (volgen de ingewijden is dit Hopi Point) voor de zonsondergang. Om half 8 waren we terug in de camper en het begon al aardig af te koelen. Het was vandaag ongeveer 27 C en de verwachting voor vannacht is een graad of 7.

Dag 14

Vrijdag 23 september Grand Canyon – Lee’s Ferry

Nou, viel dat even mee. Wij gewapend met een extra dekbed, is het bij het wakker worden 16 C! Maar goed, na alle ochtendrituelen is het iets voor 9 dat we vertrekken. Als we nog maar net op weg zijn, zien we een drietal Mule Deers (Odocoileus hemionus) in de berm grazen. Er schijnt veel wild in dit park te zitten, behalve gisteren ook een paar van deze hertensoort, helaas niets gezien.
We hadden de afgelopen tijd toch wel een beetje het gevoel, dat we de enige camperaars waren, nou hier werd het tegendeel bewezen. We verlaten het park via de East Rim Drive (kwamen in zuid binnen) en komen ook hier zat campers tegen. Het leuke van het binnenkomen of weg gaan via deze gate, is dat je een aantal uitkijkpunten op de canyon hebt. We maken dan ook bijna op ieder punt een stop. Op de 2de stop spreken we nog een Nederlands stel, zij maken voor het eerst een camperreis. De laatste stop is bij Desert View. Ook hier is, net als in Canyon Village, een camping, een kleine supermarkt en een soort cafetaria. Alles wel een stuk kleiner dan in de Village. Het bijzondere van dit punt is de Tower. Een uit 1932 stammende uitkijktoren. Je kunt hier naar boven lopen en op de twee tussenverdiepingen zijn een aantal muurschilderingen: “Illuminating record of Indian Art”.
Als we het NP uitrijden, maken we nog twee keer een stop om een kloof in te kijken. Soms is het doodeng, dan kun je zo naar beneden storten, terwijl andere delen goed afgeschermd zijn. Langs de weg komen we verschillende kraampjes tegen met Indian Art.
Langzamerhand rijden we de woestijn weer in en behalve dat de weg geasfalteerd is en toch redelijk wat verkeer, zou je maar zo kunnen denken dat je in Namibië rijdt.
We passeerden de Navajo Bridge, een prachtige stalen brug die op een hoogte van 3537 ft / 1078 m boven de Colorado River ligt. Hier wilden we het Visitor Center bezoeken, maar deze was gesloten. We maakten wel de nodige foto’s.
Voorbij de brug sloegen we rechtsaf richting Lees Ferry en na 5 km arriveerden we om 16.00 uur bij Lees Ferry Campground, gelegen in het Glen Canyon National Recreation Area.

We vonden dit tot nu één van de mooiste campings op onze reis. Het is een National Park Camping en je staat op een plateau met weinig bomen, maar elke plek heeft een eigen picknicktafel met daarboven een overkapping tegen de zon. Het is een zogenaamde zelfsupporting camping. D.w.z. je vult een envelop in met de nodige gegevens, doet het gevraagde bedrag erin en stopt het geheel in een honestybox. Dit is een hele nette camping. Er is water en er zijn spoeltoiletten, dat is toch heel wat prettiger dan longdrops. Ondanks dat het om 22.00 uur nog behoorlijk warm is (22 C), gaan we toch ons mandje in, want we willen morgen vroeg opstaan om hier de zonsopgang te zien.

Dag 15

Zaterdag 24 september Lee’s Ferry – Page

Om even na 6 uur gaat de wekker af. Een goed kwartier later zien we de bergen fel oranje kleuren: de zon komt eraan. Dat was een mooi schouwspel. We rijden op tijd weg. Eerst rijden we nog even naar de haven, althans de plek waar de boten de Colorado River op gaan. Dat mag niet zomaar, je moet er vergunning voor hebben en er wordt zelfs een schema bij gehouden wie wanneer mag. Er staan ook nog een paar historische gebouwtjes, waarvan één met een wagenwiel tegen de gevel.
We rijden een deel van de route van gisteren weer terug. We maken nog een stop bij de ‘balanced rocks’, een aantal grote stenen die op elkaar balanceren. Als we HWY89 inslaan, is er nog een uitkijkpunt. Hier zien we waar we net een paar minuten ervoor reden. We zijn aardig gestegen en kunnen een heel eind weg kijken.
Onderweg zijn we al een flink aantal motorrijders tegengekomen. Ook bij dit punt een hele groep, de meesten op een Harley Davidson. Ongelofelijk, sommigen rijen in T-shirt met korte broek, geen handschoenen en geen helm (beperkte helmplicht in o.a. Arizona). Je zal maar vallen, zonder beschermende kleding, schaaf je zo je vel en vlees tot het bot af, brrrr.
De volgende stop is bij Horseshoe Bend. Horseshoe Bend is één van de meest spectaculaire hoefijzervormige bochten in het zuiden van Amerika in de Colorado River. Deze gigantische bocht heeft zich een paar mijl ten zuiden van Lake Powell en de Glen Canyon Dam gevormd in miljoenen jaren oude lagen van Navajo Sandstone. Rondom en binnenin de bocht bevinden zich rotswanden die meer dan 300 meter boven de rivier uitsteken. Vanaf Horseshoe Bend Overlook, gelegen op de rand van zo’n rotswand, heb je een geweldig mooi zicht op de rivier en ook op de verdere omgeving. Vanaf de parkeerplaats liepen we via een breed, zanderig pad omlaag naar het 1200 meter verder gelegen uitkijkpunt. Als je er naar toe loopt, valt de kloof niet echt op. Het is dat er vrij veel mensen lopen anders zou je nog denken, wat doe ik hier.
De boten op de rivier tonen maar klein in deze brede rivier. De afgrond is vrij diep en sommige mensen doen echt gevaarlijk om net de foto nog iets mooier te krijgen (denken ze).

Het is al best wel warm (het is dan 11 uur) en er is geen spatje schaduw. Je loopt dus het hele stuk in de brandende zon en met een kleurig parapluutje is het goed te doen in deze eigen ‘gemaakte’ schaduw. We zijn dan al heel dicht bij Page en de camping in Wahweap, die ligt in de Glen Canyon National Park. Even voor 12 uur melden we ons voor een plekje. Gelukkig is deze er, want je weet maar nooit zo in het weekend. De camping is groot en heel ruim opgezet en ziet er keurig en nieuw uit. Onze plek is aan het eind van een straatje en geeft dus aardig wat privacy. We proberen of we internet hebben en dat is er, maar het signaal is wat zwak. We proberen voor morgen een plekje te boeken naar de Antelope Canyon. De aanvraag is gelukt, nu nog maar afwachten of er inderdaad plek is op de door ons aangevraagde tijd. Omdat we nog boodschappen nodig hebben gaan we nog naar de Safeway, een groot supermarktketen in Amerika en Canada. We hebben een kortingskaart en besparen zo ruim 15 % op onze boodschappen. Gelukkig is hier ook een Starbucks :-). Daarna gaan we nog even naar de Walmart, ook een groot keten door Amerika en Canada. Altijd leuk om daar even naar binnen te stappen voor aanbiedingen. Deze keer scoren we een sportshirtje voor slechts $4. Na het shoppen gaan we nog even kijken bij de Glen Canyon Dam. Lake Powell is een kunstmatig aangelegd meer. Het meer is 299 km lang en heeft een totale kustlijn van 3150 km. De bouw van de Glen Canyon Dam begon in 1956 en eindigde op 13 maart 1963. Pas na 17 jaar (1980) bereikte het water zijn huidige peil. De diepte van het meer is gemiddeld 9 meter. In diezelfde periode is het plaatsje Page ook ontstaan. Nu is het een belangrijk watersportgebied in Arizona. Als we weer op de camping zijn, gaan we maar eens aan de was beginnen. De laundry is niet zo groot, maar gelukkig kunnen we 3 wasmachines in beslag nemen. We settelen ons in de schaduw en voor we het weten is er een half uur voorbij en is de was schoon. Nu nog even een half uurtje in de droger en we kunnen er weer een dag of 9 tegen.
En voor je het weet, is er weer een dag voorbij. Om 8 uur krijgen we bericht dat we mee kunnen naar de Antelope Canyon. Helaas niet op onze eerste tijdkeuze (half 12) maar op de 2de keus, half 2. Ze adviseren ons wel om om half 12 te komen voor het geval er annuleringen zijn. Via internet boeken we gelijk nog een nacht bij op deze camping.

Dag 16

Zondag 25 september Page

Uitslapen vandaag! Nou ja, tot half 8. Tot half 11 zitten we lekker in onze stoeltjes in de schaduw van de camper wat te lezen. Als we weggaan, gaan we bij de office even vragen wat onze nieuwe campingsite wordt. Het blijkt een andere te zijn, omdat de plek die we nu hebben, vergeven is aan een groep die ze vandaag verwachten. We komen in hetzelfde straatje maar dan aan de het begin.
Even na 11 uur zijn we bij het boekingskantoor en tevens vertrekpunt van de canyon. We moeten hier wachten tot ze de auto’s vullen die ons naar de canyon moeten brengen. Het blijkt dat er nog 4 personen zijn die wachten op een plekje. Als alle mensen weg zijn voor de half 12 rit, zitten wij er nog met zijn zessen, tot we het sein krijgen dat we als groepje van 6 op pad gaan i.p.v. de normale 10 personen. Het is ongeveer 20 minuten rijden naar de canyon, waarvan een deel door woestijnzand.
Upper Antelope Canyon werd in het jaar 1931 ontdekt door het 12-jarige meisje Sue Tsosie. Haar volk, de Navajo Indianen, noemden de kloof “Tse Bighanilini”, dat betekent: “de plaats waar water door rotsen stroomt”. De Navajo’s hebben de vondst van de canyon jarenlang geheim gehouden. Upper Antelope Canyon ligt binnen in een hoog, rood zandstenen plateau; de ingang is een smalle opening die je niet het idee geeft dat er iets bijzonders te zien zal zijn. Maar dat verandert direct nadat je naar binnen loopt, je bevindt je dan in een magische wereld tussen glooiende zandstenen wanden, die prachtige kleuren krijgen in het gefilterde zonlicht. Vooral rondom het middaguur is de lichtinval perfect.

Upper Antelope Canyon is ongeveer 90 meter lang en de wanden zijn gemiddeld zo’n 40 meter hoog. De zanderige bodem is grotendeels vlak en goed beloopbaar, ook als je wat minder goed ter been bent. Onze gids is niet erg spraakzaam, maar wijst ons wel de mooie plekjes aan om te fotograferen. Met iedere keer een andere lichtinval van boven krijg je de mooiste schaduwen. Het is aardig vol in de canyon met mensen, maar omdat je de meeste foto’s naar boven neemt heb je geen of nauwelijks last van ze. Omdat wij maar met 6 personen zijn, hebben we net iets meer tijd om te knippen. Na een uur in de canyon geweest te zijn en samen meer dan 200 foto’s gemaakt te hebben, lopen we weer terug naar de auto die ons terug brengt naar Page.
In Page aangekomen lopen we naar de Safeway om daar een paar broodjes gezond te halen, en dat samen met een cappuccino van de Starbucks maakt onze maagjes weer gevuld. Vervolgens rijden we nog even naar de Walmart om daar een wifi-versterker te kopen voor Jack zijn labtop en dan naar Page’s enige golfclub om een balletje te slaan. We kiezen er voor om helft van het aantal holes te lopen en staan dan om half 4 op de baan. We kregen het advies om bij hole nummer 10 te beginnen, want dat zou het meest scenic zijn. And scenic it was! Bij 1 hole was het zo dat als je te hard sloeg de bal zomaar 80 meter naar beneden zou storten en 1 afslagplaats was boven een afgrond, zodat je bal een drop had van zo’n 100 meter. En dan verder nog den mooie uitzichten.

In Amerika lijkt het zo te zijn, dat je altijd een cart meekrijgt. Dat is op deze baan wel fijn, want sommige holes liggen een aardig eindje uit elkaar. Als we de laatste hole aan het spelen zijn, zien we nog een mooie zonsondergang, We krijgen dan ook een seintje om er snel mee te stoppen, omdat het snel donker wordt. We leveren de spullen weer in en rijden via de Pizza Hut voor een pizza, naar de camping. Als we daar aankomen, is het inmiddels helemaal donker. Onze nieuwe plek is mooier dan de oude. We hebben een paar (kleine) bomen voor schaduw en zicht op het meer. We kijken nog even wat voor groep er staat en concluderen dat het geen Nederlandse is maar een Engelse. Na het verslag wat bijgewerkt te hebben kruipen we even na 10 in ons mandje.

Dag 17

Maandag 26 september Page – Gouldings (Monument Valley)

Vannacht heeft het iets geregend, da’s goed tegen al het stof. Als we om half 7 wakker worden schijnt het zonnetje al op de camper. Het is een hele warme nacht geweest, want het was toen al bijna 24 C in de camper. We eten buiten half in de schaduw en gaan om half 10 op pad. Het is tamelijk bewolkt maar wel warm. Om half 9 was het al ruim 26 C.
Als eerste stopten we vandaag bij het Navajo National Monument (na een kleine omweg). Bij het monument bezochten we het Visitor Center en daarna liepen we de Sandal Trail, een gemakkelijk te lopen pad met bordjes waarop veel planten en struiken langs de route beschreven werden.

Het pad leidde ons naar een mooi uitkijkpunt, waar de canyon en de Betatakin Ruin, gelegen in een 140 m hoge grot, te zien waren.
Hier bouwden de Anasazi ooit één van hun dorpen van steen en adobe (= mengsel van klei en stro, in vorm verwerkt en aan de lucht gedroogd tot bakstenen). De ruïnes waren nog steeds in een vrij behoorlijke staat en duidelijk zichtbaar. Deze pueblo (= nederzetting) Betatakin bestond uit 135 kamers en was gebouwd in een enorme nis van de Tsegi canyon. De eerste huizen stammen waarschijnlijk uit de periode tussen 1250 en 1260. De Amerikanen ontdekten deze grot pas in 1909.
Carel & Corry hadden ook een tip om te lunchen in Kayenta. Helaas was het zaakje (etablissement) gesloten. Dus zochten we een plekje langs de weg. Die kwam toch nog snel met zicht op één van de Buttes van Monument Valley. Na een paar boterhammen en een bakje koffie reden we weer verder. Toen we op het kruispunt aankwamen, waar links de camping lag en rechts het Visitor Center van Monument Valley, gingen we eerst rechts.
Ook hier moest toegang betaald worden. Er is hier een geheel nieuw complex gebouwd, een info, een souvenirwinkel (erg duur), een restaurant en een flink hotel waarvan alle kamer zicht hebben op de buttes. Ook kun je een jeeptour maken met gids die je e.e.a. vertelt over het gebied en de Navajo indianen die hier wonen. We hebben een aantal mooie foto’s genomen, de souvenirwinkel bezocht en richting camping gereden. Ook hier hadden we een mooie vrije plek aan het eind van een rij met deels zicht op een aantal buttes. Ook het sanitair is hier goed en ruim voorzien. Ook kunnen we hier eindelijk weer eens gratis (!) douchen.

Dag 18

Dinsdag 27 september Gouldings (Monument Valley) – Moab

Vanmorgen waren we vroeg wakker, het was zelfs nog donker. Toen de zon opkwam, zagen we in ons doorkijkje naar Monument Valley de boel langzaam verlichten. Op de camping wordt iedere avond een film met John Wayne vertoond, er zijn er dan ook minstens 7 in deze omgeving opgenomen, dus draaien ze iedere avond een andere. Ondanks dat we zo vroeg op waren, gingen we uiteindelijk pas half 10 rijden. We hebben namelijk een stapeltje van 812 foto’s (gemaakt in 4 dagen) uit te zoeken. Als we op weg zijn, maken we binnen 30 mijl zeker 4 stops om nog foto’s te maken van de valley. Bij één van de stops zijn stalletjes waar Nevajo indianen kettingen, armbanden, ringen en meer van dit spul verkopen. Eén van hen vertelt dat hij hier is opgegroeid en nu er nog minder werk in dit gebied is, wat bij te verdienen met de armbanden en kettingen.
Voordat we Hwy 163 verlaten zetten we de rotsformatie Mexican Hat op de foto.

Mexican Hat dankt zijn naam aan een op grote afstand zichtbare balancerende steen op een rotsblok in de vorm van een sombrero.
Vervolgens maken we een omweggetje via Hwy 261. Een klein stukje van de weg brengt ons naar Goosenecks State Reserve Een doodlopende weg leidt ons naar een parkeerplaats, voor een spectaculair uitzicht op de San Juan River. Vanaf dit punt konden we de rivier vier lussen zien maken. Een adembenemend gezicht! Als we weer op Hwy 261 rijden, komen we waarschuwingsborden tegen dat de weg verderop overgaat in 6 mijl gravelroad, stijl omhoog gaat met zeer scherpe bochten en niet geschikt is voor RV’s (zoals met in Amerika een camper noemt), bussen, auto’s met aanhanger. Na een paar mijl gaat de verharde weg inderdaad over in een gravelweg en gaan we inderdaad behoorlijk stijl omhoog en kijken we af en toe diep de afgrond naast de weg is en op sommige stukken vrij smal. Een auto die we tegenkomen, kan net langs ons heen. We komen ook 2 motorrijders tegen, eerst een man die druk aan het praten is in zijn microfoon, en iets later een vrouw die toch wel een beetje angstig kijkt. Als helemaal boven zijn, is er een parkeerplaats waar we kunnen stoppen om foto’s te maken van het uitzicht en sommige delen die we net gereden hebben. We zien de beide motorrijders ook nog langzaam zakken. Als we op het punt staan weg te rijden komt er een hele grote camper (formaat touringcar) met een lange aanhanger achter zich. Hoe durven ze! Als we 100 meter gereden hebben, snappen we waarom ze durven (tot de parkeerplaats) De weg is een stuk breder en je zit dan op een plateau wat behoorlijk begroeid is, maar goed ze zullen toch moeten dalen. Als wij een kwartiertje later lunchen, zien we tot onze stomme verbazing de combinatie langsrijden. Op de één of andere manier hebben ze het spul kunnen draaien.
Vervolgens rijden we een flink aantal mijlen (of kilometers zoals u wilt) voordat we weer gekieteld worden door een bijzonder rotsformatie: ‘Church Rock’.

Als we weer een eindje verder moeten stoppen voor wegwerkzaamheden, zouden we bij ‘Wikson Arch’ staan. In eerste instantie valt het niet op, maar door schuin achter ons te kijken zien we inderdaad een boog in de rotspartij.
In Moab is, jawel, een Starbucks. We halen onze broodnodige shot en gaan onder een boom aan een picknicktafel zitten waar ook een vakantieganger zit die zijn reis met metgezel per fiets afleggen. We raken aan de praat en hij vertelt dat hij samen met zijn vriendin (ze komen uit Zwitserland) zo’n 4 maanden geleden in Anchorage (jawel Alaska) hun reis begonnen zijn, inmiddels 6000 km hebben afgelegd (ongeveer 80 km per dag) en nog een maand te gaan hebben. Nee, ze hebben niet zolang vakantie, maar ‘gewoon’ hun baan opgezegd en zijn gaan reizen. Respect!
De camping die wij op het oog hadden, blijkt vol. In de office vertellen ze dat er zat campings zijn en dat de buren wel vol zullen zitten. We kijken toch bij de buren en er blijkt plek zat te zijn. Het is een nette camping met aardig wat bomen voor schaduw, de douches zijn gratis (!) en er is een zwembad. Om 5 uur is het op onze thermometer nog 32 C. Zo gauw de zon achter de bult is verdwenen koelt het snel af. Om 8 uur is het nog slechts 18 C.

<< Big Sur, Universal Studios en Joshua Tree NP
Bladwijzer de permalink.

Reacties zijn gesloten.